Tegenwoordig zie je de bermen van karakter veranderen. Langzaam maar zeker zie je steeds meer kruiden in de bermen optreden. Een kort verhaal over bermen en planten.
Australische wetenschappers berichtten onlangs over een gras dat, nadat deze geheel verdroogd was in de verzengende Australische hitte, weer tot leven leek te komen. De grassoort Tripogon loliiformis ontrekt echter tijdes droogte bijna al het water uit de bladeren om deze te beschermen en ziet er zodoende als dood uit.
Deze familie van kruidachtige planten kent twee geslachten Ooivaarsbek en Reigersbek. Hun Nederlandse naam is afgeleid van de vorm van de vrucht, die wel wat heeft van een van opzij aangekeken reiger of ooievaar.
Van de grote Cipressenfamilie kennen we maar één soort die inheems is in Nederland, dat is Jeneverbes (Juniperus communis). De vorm van sommige Jeneverbes-struiken doet wel aan de zuilvorm denken van de naamgever van de familie, de Cipressen van het Italiaans-Toscaanse landschap (Cupressus sempervirens).
De maand Mei kent als synoniem de naam Bloeimaand. En dat is ook heel terecht. Want met een langjarige gemiddelde temperatiuur van 17,3 C zie je in deze maand zeer veel planten in onze natuur in bloei komen. In alles komt de natuur weer tot volle wasdom en het zijn niet alleen de vogels die in deze maand zorgen voor nakomelingen, maar de plantenwereld doet dat even zo goed.
Een fijne zelfstudie "soorten herkennen" over het leren kijken naar kenmerken van specifieke groepen plantensoorten. Dit keer aandacht voor de hoofdgroep Roosachtigen. Les 12 uit 18 in een nieuwe reeks online lessen "soorten herkennen". "Leuk om er eens in te verdiepen."
Onze redactie heeft plantensoorten van de Lage Landen in 18 goed herkenbare hoofdgroepen ingedeeld. In de hoofdgroep van de Geranium- en Vioolachtigen vinden we naast families met kruidachtige soorten zoals de Ooievaarsbek-, de Viooltjes- en Hertshooifamilies, ook struiken en bomen die in de Wijnstok-, Kardinaalsmuts- en Wilgenfamilie te vinden zijn.
Onze redactie heeft plantensoorten van de Lage Landen in 18 goed herkenbare hoofdgroepen ingedeeld. Varens en Wolfsklauwen zijn afstammelingen van primitieve sporenplanten die al een voorgeschiedenis hebben vanuit het Carboon, meer dan 300 miljoen jaar geleden (varens) of zelfs het Devoon, meer dan 400 miljoen jaar geleden.
In Zuid-Limburg zijn veel bijzondere soorten te vinden. De bloemrijke graslanden, vol met zeldzame orchideeën op die voedselarme kalkrijke bodem zijn misschien wel Nederland's meest soortenrijke plekken.
"Ik begon met 1 video en blijf kijken! Heel leerzaam helder en rustig uitgelegd. Perfect voor een zelfstudie. Ik kijk elke dag een aantal video's en overhoor mijzelf buiten tijdens het wandelen. Tessa" juni 2019"